: 18:00 -
21:00
oud papier
: 11:30 -
12:30
mis
: - :
Korenfestival Rijsbergen
: 11:30 -
12:30
mis
: 11:30 -
12:30
mis
| Algemeen - Over jokolo |
De chronojokologie
1967
De vele veranderingen die zich in de roerige jaren '60 voltrekken, hebben ook grote invloed op hetgeen wat zich in de Nederlandse katholieke kerk afspeelt. Langzaam maar zeker ontstaan er in verschillende parochies koren die zich laten begeleiden door 'duivelse' muziekinstrumenten als elektrische gitaren en drumstellen. De nieuwe trend gaat ook aan Nijmegen niet onopgemerkt voorbij. Er komen 'beatmissen' in onder meer de Molenstraatkerk en de Dennenstraatkerk.
In september 1967 neemt kapelaan Nico Huijberts van de toenmalige Lourdesparochie samen met enkele jongeren uit de wijk (Nico Draper, Peter Visser en Tine Verweij) het initiatief om ook hier een jongerenkoor van de grond te krijgen. Een klein clubje enthousiaste mensen zet de eerste schreden. Een paar jongelui die een muziekinstrument kunnen spelen, worden benaderd en men vindt een dirigent: Harry Kemps, student theologie aan de katholieke universiteit in Nijmegen. De repetities vinden aanvankelijk op woensdagavond plaats op het priesterkoor boven achterin de kerk, waar toen het grote kerkorgel stond.
1968
Al snel blijkt de vrijdagavond een gunstiger repetitietijdstip. Na een paar maanden ijverig oefenen, durft men het in februari wel aan om op zondag om kwart voor twaalf de eerste mis te zingen. Bij een van de eerste liederen gaat het even helemaal mis. Er wordt vreselijk vals ingezet, waarop Harry zich genoodzaakt ziet af te slaan. Al met al verloopt de eerste uitvoering toch redelijk goed en heeft de Lourdeskerk vanaf nu dus ook een eigen 'beatmis'.
De reacties van de kerkgangers zijn aanvankelijk sceptisch. "Nog erger dan een cirkelzaag, dat geluid van een elektrische gitaar", zegt de hoofdschuddende parochiaan. Snel wordt duidelijk dat de 'beatmissen' veel publiek trekken. Veel jongelui voelen zich ertoe aangetrokken en melden zich aan als lid. Het ledenaantal groeit gestaag. De eerste nachtmis met Kerstmis wordt ook druk bezocht en is tevens de eerste thematische dienst, dat merendeels in elkaar is gezet door Harry Kemps.
1969
De eerste jaren bestaat het repertoire hoofdzakelijk uit liederen van Huub Oosterhuis, gospels en negro-spirituals zoals 'Go down moses' en liederen die tegenwoordig hooguit nog bij een enkel tienerkoor op het repertoire staan, zoals 'Geef mij kracht' en 'Dank U voor deze nieuwe morgen'. Geleidelijk komen er geschikte nummers uit de hitparade bij, zoals 'Let the sunshine' uit de rockopera 'Hair', 'Blowing in the wind' van Bob Dylan, 'The last seven days' van Unit Gloria (met Robert Long), 'Oh happy day' van The Edwin Hawkins Singers en 'To my father's house' van The Les Humphries Singers. Ook enkele nummers van bijvoorbeeld The Beatles of Simon&Garfunkel worden van een Nederlandstalige religieuze t3ekst voorzien. Vooral 'Oh happy day' slaat erg aan, mede dankzij de fraaie solozang van Wies van Aerssen.
De Lourdeskerk wordt dat jaar van binnen grondig verbouwd. Er komt verder naar voren een groot, nieuw altaar waarvoor een aantal rijen met kerkbanken plaats moeten maken. Tijdens de verbouwingswerkzaamheden vinden de eucharistievieringen tijdelijk plaats in de aula van de Pius XII-mavo aan de Akkerlaan.
In juli gaat pastoor Loeff met pensioen. Hij is groot fan van het koor (net als zijn opvolger Wim Janssen dat zou worden) en brengt dit tot uiting door als afscheidsgeschenk een nieuw orgel en een drumstel cadeau te doen.
Voor een LP met Nijmeegse jongerenkoren worden twee zelfgemaakte nummers opgenomen: 'Vrede' (T: H.Kemps, M: H.Luijben/L.Berenbroek) en 'Wanneer ik loop en door de straten ga' (T: H.Kemps, M: E.Lok).
Omdat naast het muzikale gebeuren ook het vertier een wezenlijk onderdeel van het jongerenkoor vormt, wordt er besloten buitenshuis een ontspanningsweekend te organiseren. Het eerste koorweekend vindt plaats in het Brabantse Reusel. Op de slaapzaal moet een schuifwand voor de scheiding tussen meisjes en jongens zorgen. "Het lijkt mij zinnig dat deze 's nachts dicht blijft", zegt Harry en ziet erop toe dat dit ook gebeurt. Toch wordt zijn nachtrust tot zijn ongenoegen herhaaldelijk onderbroken. Vrij chaotisch verloopt ook het diner op zaterdagavond: een soort kaasfondue uit het vuistje.
Maar er gebeuren ook serieuzere zaken: voor de tweede nachtmis in successio wordt een liturgiegroep in het leven geroepen. Onder leiding van kapelaan Nico Huijberts verzorgt deze werkgroep in het vervolg gemiddeld een keer per twee maanden themadiensten, die soms een nogal experimenteel karakter hebben.
1970
(...)
Laatst aangepast (dinsdag 26 oktober 2010 20:13)


